Paasbloemen

De eerste lentezon, de eerste zonnestralen en daar zijn ze. Ze duiken overal op in het straatbeeld. Ze schieten als paddestoelen uit de grond. Ik bedoel niet de paasbloemen. Ik heb het over de wielertoeristen. Opeens zijn ze er, in allerlei varianten. Het is de eenzaat die zich in het zweet trapt en langs wie je wil blijven rijden met de wagen om hem door het raampje heen toe te roepen dat die rode afgebakende strook, het fietspad dus, bedoeld is om wel degelijk op te fietsen. Het is die groep die superprofessioneel lijkt en op zondag in grote groep fietst, bezemwagen achterop. Net nu je je boodschappen moet gaan doen in die ene winkelketen die op zondag open is tot 13u. En het is al 12u15! Gedwongen om er achteraan te blijven tuffen. Oh ergernis. Wel, Vlaanderen telt er sinds kort een wielertoeristje bij, met name mezelf! Ik ben aan het fietsen gegaan. Gelijk een echte, met zo'n koersfiets met zo'n stuur en met zo'n klikpedalen, met zo'n fietsbroek met zo'n zeem erin, zo'n hele ramtamtam.

Hoe dat gekomen is? Het begon eind december 2018. Een collega vroeg me of ik zin had om een rit te fietsen in de 1000 kilometer van Kom op tegen Kanker. Ik, in al mijn enthousiasme : ‘Ik doe mee! In 2020 dan toch hé?’ Ja, bevestigde ze me, want dit jaar zijn alle inschrijvingen volzet en staan we op de wachtlijst. ‘Goed zeg, stel je voor dat ik nu eind mei 125 kilometer lang op een koersfiets zou moeten zitten. Zotjes!’  Tot … ergens halfweg februari het volgende bericht mij bereikte : We kunnen toch meedoen en jij mag meefietsen! Op het werk werd meteen een oproep verspreid en twee dagen later was onze deelname al bevestigd. Deze keer niet één op acht, maar ben ik één van de acht die een rit gaat fietsen voor de 1000 kilometer! Zot zijn doet geen zeer.

Wat is nu eigenlijk die hele 1000km-actie? Tijdens het Hemelvaartweekend fietsen honderden teams van getrainde (kuch!) fietsers samen 1000 kilometer bijeen. Vier dagen op rij starten er pelotons in Mechelen. Op donderdag 30 mei fietst de eerste groep 's morgens van Mechelen naar Antwerpen. De groep in de namiddag fietst terug naar Mechelen. Vrijdag 31 mei is Zedelgem de middagstad, zaterdag 1 juni Diest en zondag 2 juni Oudenaarde. Teams bestaan meestal uit 8 personen, maar er zijn ook crazy teams met 4 man (die rijden dan elk 250 kilometer op het ganse weekend) en ik las ergens dat er een aantal mensen zijn die de 1000 kilometer helemaal alleen voor hun rekening nemen. Het team van mijn werk bestaat uit 8 collega's en op vrijdag 31 mei rond 7u vertrek ik vanuit Mechelen om helemaal naar Zedelgem te fietsen. Een andere collega fietst dan van Zedelgem naar Mechelen. Uiteraard koos ik voor een ritje naar de provincie waar ik opgegroeid ben.  Haha, nee, laat me eerlijk zijn : dat is de enige rit waar geen gigantische hoogtemeters zijn te overbruggen zoals de rit naar Oudenaarde.

Mag iedereen zomaar zonder voorwaarden aan die start verschijnen? Neen, natuurlijk niet. Je moet twee dingen doen. Eerst en vooral: trainen. Het is in peloton rijden aan gemiddeld 24, 27 of 30 km per uur op een sportieve, niet elektrisch aangedreven fiets. Daar moest ik smakelijk mee lachen toen ik de folder kreeg. Ik schreef me in voor de 24 kilometer. Dat halen zonder dood te vallen aan de meet, lijkt me al een hele opgave. Daarnaast moeten we 5000 euro startgeld verzamelen, geld dat integraal naar kankeronderzoek gaat. Zo haalt KOTK duizenden euro's binnen. Geen geld betekent geen deelname. En of dat ons zal lukken, vertel ik je een volgende keer!

Reacties

  1. Veel succes Evelien! Ongetwijfeld zul je dit goed doen. Als middelbare scholier trainde je al elke dag op de fiets ��. Mooie herinneringen aan deze dagelijkse ritjes! Veel groetjes x

    BeantwoordenVerwijderen

Een reactie posten

Populaire posts van deze blog

Lymfestrengen: eufemisme voor lymfekrengen

De 11 geboden voor een beginnend fietser

Controle